De dansbeer - een vertelling
Ik ben in 1766 afgestudeerd aan de universiteit van Halle, als magister Filosofie. Direct daarna ben ik verhuisd naar Leipzig, dat ongeveer 40 kilometer verderop ligt. Ik ben daar gaan werken aan de universiteit van Leipzig.
Aan de uni kreeg ik een mentor toegewezen; Christian Fürchtegott Gellert. Zijn tweede voornaam vind ik nog steeds heel bijzonder. Het klikte meteen tussen ons, ondanks het zeer grote leeftijdsverschil. Gellert was in 1715 geboren en was al sinds 1734! (langer dan ik oud was) aan de uni van Leipzig verbonden, eerst als student, daarna als leraar en sinds 1751 als professor Filosofie. Het klikte zo goed dat ik ook bij hem in huis mocht wonen.
Helaas heeft onze vriendschap niet lang mogen duren. Gellert is in 1769 overleden. Desondanks was onze korte vriendschap hecht en heeft hij veel invloed op mijn verdere ontwikkeling gehad.
Gellert zag in mij een veelbelovend talent, daar hebben we het open en eerlijk over gehad, en stimuleerde mijn ontwikkeling als schrijver en filosoof. Ik ben hem daar nog steeds dankbaar voor. Hij was het ook die mij geïntroduceerd heeft in de intellectuele kringen van Leipzig.
Gellert stond bekend om zijn heldere, toegankelijke en moreel georiënteerde schrijfstijl. Die invloed is duidelijk zichtbaar in mijn eigen werk. Blijkbaar was ik een spons die alles opzoog wat hij deed en hoe hij het deed. Ook ben ik Gellerts ideaal van een populariserende filosofie trouw gebleven. Aldus Gellert moest filosofie begrijpelijk zijn voor ontwikkelde burgers en gericht zijn op praktische levenswijsheid.
Naast filosoof was Gellert ook schrijver. Hij was een van de meest gelezen auteurs van zijn tijd. Bovendien was hij vermaard voor zijn colleges over poëzie en moraal; hij trok letterlijk volle zalen. Zijn verhalen hadden altijd een kwinkslag naar de manier waarop mensen met elkaar omgaan, naar deugden en ondeugden. Hij bracht dat vaak ironisch, maar met een duidelijke boodschap. Zijn verhalen zijn in de 19e eeuw samengebracht in het boek 'Fabels en vertellingen'.
Om een idee te geven van zijn werk neem ik hieronder de fabel van 'de dansbeer' op. Het is een van zijn beroemdste fabels. Ik heb de Duitse rijm losgelaten, zodat de vertelling zelf meer tot diens recht komt.
De dansbeer
Vrije Nederlandse vertaling van Christian Fürchtegott Gellert
Een beer die lange tijd zijn brood had moeten verdienen
door voor mensen te dansen,
wist te ontsnappen en zocht als eerste toevlucht
het bos van zijn soortgenoten op.
De beren begroetten hem met broederlijke omhelzingen
en bromden verheugd door het woud.
Waar de ene beer de andere tegenkwam, klonk het:
‘Petz is weer terug!’
De beer vertelde daarop
welke avonturen hij in vreemde landen had beleefd,
wat hij had gezien, gehoord en gedaan.
En toen het gesprek op dansen kwam,
begon hij – alsof hij nog altijd aan de ketting liep –
fraai op Poolse wijze te dansen.
De andere beren, die hem zo op twee poten zagen,
bewonderden de lenigheid van zijn bewegingen.
Maar toen zij hem probeerden na te doen,
bleken hun pogingen vergeefs.
Geen van hen kon zijn kunst evenaren.
Daarop sloeg hun bewondering om in afgunst.
Ze riepen:
‘Weg met jou! Dwaas!
Wil jij soms slimmer zijn dan wij?’
En ze joegen hem uit hun midden.
Zo gaat het vaak ook onder mensen:
wie door ervaring iets heeft geleerd
en daardoor boven zijn omgeving uitsteekt,
wordt eerder benijd dan geprezen.
Veel mensen verdragen geen meerdere;
zij verwerpen liever de bekwaamste
dan dat zij erkennen dat hij iets kan
wat zij zelf niet beheersen.
De moraal van Gellerts fabel is subtiel: niet de dansbeer is belachelijk, maar de afgunst van de gemeenschap, die eerst bewondert en vervolgens degene verstoot die haar eigen beperkingen zichtbaar maakt. Daarmee levert Gellert een psychologisch scherpe observatie over conformisme en jaloezie.
In mijn beeld zit er ook nog een tweede laag in deze fabel. De beer heeft in zijn gevangenschap moeten dansen als attractie voor de mensen. Maar ook nadat hij is ontsnapt en weer vrij is, blijft hij dansen. Hij blijft doen wat hij ook in zijn gevangenschap deed. Volgens mij kan hier een heel mooi filosofisch gesprek over gevoerd worden; over vrijheid, over gewoonten, over het ontwikkelen van vaardigheden terwijl je geketend bent. Zijn we in staat vrij te zijn?
Tot zover de korte introductie op het werk van mijn mentor en vriend Christian.

